basket.timer.attention

basket.timer.time.is.running.out

#SayYesToChange volgens Nele Reymen

In haar dromen zijn we allemaal eenhoorns die cupcakes kakken, aldus Nele Reymen: auteur en altijd hongerig naar voedsel voor brains en maag. Voor Juttu schrijft ze een column, ditmaal over veranderingen en wat dat allemaal verandert.

Mijn fototoestel stond op een statief, ikzelf zat ernaast op de grond. Vier uur lang zou ik daar moeten blijven zitten, net zo lang als mijn fototoestel op dat statief zou staan. Meer moest ik niet doen. De opdracht was simpel: elke minuut moest er een foto genomen worden van het gebouw voor ons, iets wat gelukkig automatisch gebeurde. Iedere minuut hoorde ik het geluid. Klik. En nog eens. En dat nog 238 keer. Als ik de 240 gemaakte foto’s achter elkaar monteerde, zou er zich een versneld schaduwspel voltrekken. Alsof er met een spot of een stevige zaklamp op het gebouw geschenen werd. Snel, van de ene naar de andere kant. Het was een schoolopdracht en ik had al geleerd dat het principe benoemd werd als een timelapse: de enige manier om snel iets te tonen wat normaal te traag gebeurt om met het blote oog waar te nemen. Een geranium die bloeit. Graszaad dat ontkiemt. Nagels die groeien. Online vind je tegenwoordig zelfs filmpjes van mensen die de laatste tien jaar van hun leven of een reis rond de wereld timelapsen. Stuk voor stuk sluipende veranderingen op zo’n manier in beeld gebracht dat ze onontkoombaar worden. Want zo gaat het bij veranderingen: de grootste komen vaak onaangekondigd. Ze slaan je in het gezicht of laten je struikelen, zelfs al kijk je waar je loopt. Want ook als je veranderingen van ver ziet aankomen, ben je er hoogstwaarschijnlijk nog niet klaar voor als het effectief zover is.

Dingen veranderen pas als je durft wegkijken

Zittend op de grond kon ik me echter niet van de indruk ontdoen dat die met hun timelapse van de wereldreis meer lol hadden tijdens het maken dan ik. Om mijn tijd te vullen, wilde ik mijn ogen uitdagen en toch proberen te zien hoe die schaduwlijnen verschoven. Dat gebeurde niet, geen millimeter. Niet zolang ik keek, alleszins. Het was pas toen ik een tijdje niet had gekeken, dat het duidelijk werd dat de schaduw zich verplaatste. Ik moest de theorie gelijk geven. Dingen veranderen pas als je durft wegkijken.  

 

Verheugd met dit inzicht op zulke jonge leeftijd besloot ik mijn toenmalig vriendje te bellen, zodat we de resterende 150 klikken konden zoenen. Hij zoende niet zo goed, maar ik ging ervan uit dat ik dat nog wel kon veranderen. Ik zou wel zijn zoals al die andere vrouwen die hun man willen veranderen, om hen dan later te dumpen omdat hij niet meer dezelfde is. Ik overwoog even om hem dagelijks te fotograferen, maar mijn tijd bleek korter dan verwacht toen hij me abrupt dumpte. Eigenlijk net na de laatste klik. Hij zag daarin wel enige symboliek, zonder timelapse.

 

Enkele weken later monteerde ik de foto’s achter elkaar. Mijn blik was zoals tijdens het fotograferen weer gericht op de schaduwlijnen, alsof ik vergat te kijken naar de zon. Het was pas na een tijdje dat ik op de achtergrond van de foto’s iets zag wat me ter plekke ontgaan was. Opzij van het gebouw kwam plots een vrouw in de zon zitten, op een bankje. Ze was alleen. Samen met de schaduw schuifelde zij telkens een beetje meer naar de andere kant van dat bankje om zo te ontsnappen aan de schaduw. Op elke foto glimlachte ze, zittend in de zon. Plots wist ik alles wat ik moest weten over veranderingen. Die veranderingen op zich zijn niet het belangrijkst. Het belangrijkste is hoe we ermee omgaan.”